Muziektheater De Plaats

Onder de indruk

Hoewel het nog even duurt voor het begint, besluit ik toch alvast een plek te zoeken. Op de voorste rij stoelen, precies tussen de twee lage bankjes in. Zo kan ik straks moeiteloos opstaan en zonder over een bankje te struikelen mijn ding doen. Maar terwijl ik in de richting van de felbegeerde zitplaats loop, komt er een echtpaar aan. Zij gaat op ‘mijn’ stoel zitten, hij op die ernaast. Seconden later blijf ik bij hen staan. ‘Zou u een stoel willen opschuiven?’ vraag ik vriendelijk.

Ze kijken me beiden een beetje overdonderd aan. Snel leg ik uit dat ik op haar stoel wil zitten, maar dat ik nog niet kan vertellen waarom. ‘Dat merkt u straks vanzelf,’ voeg ik eraan toe.  Zonder verder te vragen, schuiven ze allebei een plaats op, waarna ik ook ga zitten. Mevrouw begint een gesprek over de voorstelling die we zo gaan zien: Op het puin, en dan nu. Over Muziektheater De Plaats. Over de pandemie en alles wat ze zo gemist heeft.

Dan houdt ze het niet meer en zegt ze: ‘Ik ben toch wel heel benieuwd wat je zo moet gaan doen.’ Ik lach en antwoord dat ik daar nog niks over mag zeggen. Ze giechelt en vraagt dan: ‘Ga ik straks voor je applaudisseren?’ Ik moet mijn tong bijna afbijten en het kost me moeite om mijn gezicht in de plooi te houden. Maar ik houd vol dat ze vanzelf zal merken waarom ik beslist hier wilde zitten.

Even later begint het spektakel. Mevrouw fluistert me toe: ‘Veel succes met wat je straks moet doen.’ Dan worden we ondergedompeld in beelden, muziek, gesproken en gezongen tekst. Net als gisteravond maakt alles enorm veel indruk. Of wacht: méér dan de vorige keer. Toen stond ik achter het publiek. Voor deze voorstelling heb ik een kaartje gekocht en mag ik tussen de andere toeschouwers zitten. En waar ik gisteren niet alles helemaal kon volgen, komen elk woord, elk beeld, elke noot keihard binnen.

Op het podium zetten de spelers het slotlied in. Ik ga wat rechterop zitten, voel plotseling spanning in mijn lijf. Gespannenheid die er gisteravond helemaal niet was. Toen was er letterlijk en figuurlijk sprake van afstand tussen mij en het stuk. Nu zit ik er middenin. Met elke vezel in mijn lijf. Met hart en ziel. Een van de muzikanten laat drie keer ‘toenk-toenk-toenk’ uit zijn gitaar komen en dan open ik mijn mond, net als vijftig anderen die tussen en achter het publiek hebben plaatsgenomen.

Mevrouw naast me kijkt naar me. Ik zing haar even toe, maar moet dan opstaan en al zingend naar het podium lopen. Alles in mij beeft. Behalve mijn stem. Die heeft me bij het instuderen van dit liedgedeelte weleens in de steek gelaten, maar doet nu wat hij moet doen. Luid en duidelijk. En toonvast (hoop ik). Ik draai me om naar het publiek, zie weer de verbazing en ontroering op de gezichten in de Eusebius. Opnieuw overvalt me een mix aan emoties. Trots, dankbaarheid dat ik hier deel van mag uitmaken, bewondering voor de cast en verwondering over de saamhorigheid in deze kerk vermengen zich met verdriet om de oorlog in Oekraïne.

Nadat we het applaus in ontvangst genomen hebben, loop ik, nog steeds een beetje bibberend, terug naar mijn stoel. Mevrouw raakt even mijn arm aan. Ik kijk haar aan en zie in haar ogen dat ik niet de enige ben die enorm onder de indruk is. Zo spraakzaam als ze daarstraks was, kan ze nu slechts een woord uitbrengen: ‘Práchtig!’

6 gedachten over “Onder de indruk”

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.