Schotse dingetjes, een reisverslag in columns – deel IV

Dik honderdtwintig kilometer meer

Vanuit Oban zetten we koers richting Banavie (Fort William) waar we de komende twee nachten zullen logeren, maar we rijden door naar Mallaig. Dat zou een leuk plaatsje moeten zijn en de reis erheen meer dan de moeite waard. De weg gaat grotendeels langs het traject van de Jacobite Steam Train, die wereldberoemd is geworden door de Harry Potterfilms.

Ook het in een van die films voorkomende Glenfinnan treinviaduct https://www.youtube.com/watch?v=U_vO5ja-gj8 zou hier ergens moeten liggen. Charlotte speurt op de heen- en op de terugreis naar dat viaduct, maar vindt het niet. Dat neemt niet weg dat we aan het eind van de dag zeer voldaan inchecken bij David en Anne, die kamers in een bungalow dicht bij Neptune’s Staircase verhuren. Onze kamer kijkt uit op het Caledonian Canal met daarachter de Ben Nevis, de hoogste berg in het Verenigd Koninkrijk.

De volgende ochtend willen we naar Eilean Donan Castle. ‘Ach,’ zegt Anne, ‘maar dan moet je eigenlijk ook de brug naar Skye oversteken, het is daar ook prachtig.’ Ik heb gezien dat het 65 kilometer is naar het kasteel en vandaaruit nog ruim 40 naar Portree, de grootste plaats op Skye. Een dikke tweehonderd kilometer, dat lijkt me te doen op één dag. Al meteen na vertrek kijken we onze ogen weer uit. We rijden langs Loch Lochy (ja, dat heet echt zo) naar Invergarry en slaan daar linksaf, richting Dorine. Opnieuw worden we omringd door water, bergen en bossen. We zijn nog net zo onder de indruk als tijdens onze eerste Schotse kilometers. We rijden langs het prachtige Loch Duich en zien het Eilean Donan Castle in de verte aan de waterkant liggen. Hoewel ook dit kasteel hevig geleden heeft onder oorlogszuchtig geweld van eeuwen geleden, ziet het er behoorlijk intact uit, doordat het in de jaren dertig van de vorige eeuw een grootscheepse restauratie heeft ondergaan.

Het is vroeg in de middag als we het parkeerterrein bij het kasteel weer verlaten. We rijden door naar de enorme brug die het eiland Skye met het Schotse vasteland verbindt. Aan de andere kant van de brug is het landschap net zo wonderschoon. We rijden vrijwel constant langs de kust. Even voor het plaatsje Luib stop ik weer even. Het is kwart over twee. Vanaf hier is het volgens Truus nog een half uur rijden naar Portree. En vanaf hier duurt de reis naar ‘huis’ – zonder onderbrekingen – nog tweeënhalf uur. ‘Wat doen we?’ vraag ik aan Charlotte. ‘Laten we maar omkeren,’ zegt zij en ik ben blij dat ook zij vindt dat we ver genoeg gereden hebben voor vandaag. We steken de brug weer over en nemen een iets andere route naar Banavie.

Zodra ik de auto naast onze logeerbungalow geparkeerd heb, merk ik hoe moe ik ben. Hoe kan het toch dat we zo ongeveer de hele dag gedaan hebben over tweehonderd kilometer? En dan besef ik pas dat Truus de afstanden hier in mijlen aangeeft. En dat een mijl veel meer is dan een kilometer. Vandaag hebben we ruim 320 kilometer gereden over prima, maar niet al te brede en soms behoorlijk bochtige wegen. En aan de linkerkant van de weg! Geen wonder dat ik bekaf ben. Maar ook voor deze dag geldt dat we enorm genoten hebben. Die vermoeidheid neem ik dan maar op de koop toe.

3 gedachten over “Schotse dingetjes, een reisverslag in columns – deel IV”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *