Schotse dingetjes, een reisverslag in columns – deel III

De uitvinder van de kilt

Samen met Truus heeft Charlotte mij veilig Edinburgh uit weten te loodsen. Onderweg naar Oban wordt het landschap alleen maar mooier. Na een kleine twee uur stuiten we op het eerste Schotse meer van deze reis: Loch Lubnaig. Kilometerslang vergezelt het water ons aan de linkerkant van de weg. ‘Beetje naar rechts, mam,’ hoor ik wanneer mijn ogen het asfalt even verlaten om langs het fabelachtige uitzicht over water, bergen en bossen te dwalen.

Op ongeveer een uur rijden van Oban zegt Charlotte: ‘Kilchurn Castle moet hier echt ergens aan de linkerkant van de weg liggen.’ We zien niets wat daar ook maar enigszins op wijst. Dan duikt Saint Conan’s Kirk op, een kerkje dat middeleeuws aandoet, maar pas laat in de negentiende eeuw gebouwd is. We lopen er even doorheen en gaan daarna naar de aanpalende ‘tearoom’. De jongeman die er bedient, schrikt er bijna van dat wij iets bij hem komen drinken.  In de kerk wordt een bot bewaard van ene Robert the Bruce. Wij vragen de jongen wat er zo bijzonder was aan die Robert. Hij haalt zijn schouders op en zegt dan: ‘Ik geloof dat hij de kilt heeft uitgevonden. Tijdens een gevecht had hij zijn broek verloren, waarna hij een geruite omslagdoek om zijn middel knoopte: de eerste kilt was een feit.’

In de auto bestuderen we nogmaals de kaart. Waar is toch dat Kilchurn Castle? We moeten er al voorbij zijn. Ik keer de auto en we rijden een stukje terug. Voor de zekerheid hebben we Truus maar weer ingeschakeld. Ter hoogte van een zanderig zijweggetje aan de rechterkant van de weg, beweert ze dat we onze bestemming bereikt hebben. Ik sla rechtsaf en zie tot mijn verbazing enkele auto’s geparkeerd staan op een modderig veldje. Er is nog precies plek voor één Opel Corsa. Nadat ik die geparkeerd heb, volgen we een smal, slingerend pad dat nergens heen lijkt te leiden, tot na een scherpe bocht: in de verte zien we de contouren van een kasteelruïne. Om ons heen slechts water en bergen; we vinden het een magische plek. Al genietend wandelen we naar het kasteel en een half uur later terug naar de auto.

Nu is het nog een uur rijden naar Oban. Het uitzicht blijft ons verbazen en verrassen; het is hier zo onbeschrijfelijk prachtig! In het Arbour Guest House worden we door een jonge vrouw welkom geheten. Haar sleetse joggingbroek vertoont vlekken en gaten, net zoals haar gebit. We hopen dat onze kamer er iets netter uitziet en dat is gelukkig het geval. Voordat we het stadje gaan verkennen, zoeken we eerst eens op wie de kilt heeft uitgevonden. We kunnen er niets over vinden. En hoewel er een hele Wikipedia-pagina is over Robert the Bruce (eigenlijk Robert I, die van 1306 tot 1329 koning van Schotland was) vermeldt die niets over de uitvinding van de kilt.  Of Robert dat kledingstuk echt heeft uitgevonden interesseert ons eigenlijk niet: het verhaal van de jongen bij Saint Conan’s Kirk was te mooi om niet waar te zijn.

 

3 gedachten over “Schotse dingetjes, een reisverslag in columns – deel III”

  1. Volgens mij was Sir Robert the Bruce een veld heer/koning. Won de slag bij Bannockburn.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *